Tips bij autopech

Als je autopech hebt, is dat heel vervelend. Je staat daar op de snelweg, je moet aan de kant, gevarendriehoek tevoorschijn halen, veiligheidshesjes aan, de auto uit, de wegenwacht bellen. Hopelijk kun je alles goed vinden, en heb je er niet toevallig bij het pakken voor de vakantie allerlei dingen bovenop gezet.
En dan sta je daar, tot ze komen. En dat kan lang duren. Wachten duurt altijd lang.
Een paar belangrijke tips:
Zorg dat je veilig staat. Het liefst op de pechstrook, en als dat niet lukt, in de berm. Maar als de berm heel smal is, en er een inham in de weg is, kan dat net iets veiliger zijn.
Het liefst ga je zo dicht mogelijk bij een wegtelefoon voor noodgevallen staan, die staan op de autosnelweg zo ongeveer op een kilometer van elkaar.
Als je stopt, zet je de wielen naar rechts, je zet de handrem erop, en de alarmlichten. Bij slecht zicht kun je het beste mistlampen of stadslicht aandoen, dan ben je beter zichtbaar voor andere bestuurders
Als je uit de auto stapt, zorg er dan voor dat je zoveel mogelijk bij het langrazende verkeer uit de buurt blijft. Stap aan de goede kant uit, en ga achter de vangrail staan, als dat lukt.
Als je pechhulpdienst een app heeft voor de mobiele telefoon, kun je automatisch je exacte locatie doorgeven. Als je de pechstrook niet kon bereiken, kun je beter ook 112 bellen. Hetzelfde natuurlijk als je betrokken raakt bij een ongeval. En als je je bedreigd voelt, stap je de auto niet uit, en doe je de deuren op slot.
Tot zover enkele tips bij pech. Maar hopelijk heb je ze niet nodig, en rijdt je auto gewoon zonder problemen alle kilometers die je rijden wilt.